Ronde 6: De ronde waarin de remise sneller kwam dan de koffie
Gisteren wijdde René, die zijn eenmalige uitverkiezing tot ‘Zeeuw van de Dag’ nog altijd dankbaar uitmelkt, in zijn dagverslag een beschouwing aan het Zeeuwse dialect. Als mede-import-Zeeuw kan ik de lezers geruststellen: voor een aangenaam verblijf in Zeeland is het spreken of zelfs maar verstaan van het Zeeuws allerminst een vereiste. Zelf versta ik er eerlijk gezegd ook weinig van. Gelukkig lijkt het dialect zich tegenwoordig grotendeels te beperken tot conciërges op mijn school en gepensioneerden in de kleinere dorpen.
Dan nu de orde van de dag: de zesde ronde van het Scheldemond Schaaktoernooi. Met nog vier ronden te gaan begint de strijd om de bovenste plaatsen steeds interessanter te worden. Kies je voor een snelle remise en een relatief rustige avond, of probeer je juist een directe concurrent een gevoelige tik uit te delen? De onderlinge ratingverschillen aan de eerste vier borden zijn klein, waardoor beide strategieën verdedigbaar zijn.

Ik arriveerde pas een uur na de start van de partijen in de speelzaal. Zoals verwacht was er toen al minimaal één partij in een salonremise geëindigd: de strijd tussen L’Ami en Sadhwani.
Bij aankomst viel me bovendien op dat René het deze ronde niet had getroffen met zijn zitplaats. Op nog geen meter afstand en pal in zijn gezichtsveld zat een schaker met een wel heel opvallende inkijk van minstens tien centimeter – van achteren welteverstaan. Ik zal de lezer de details besparen, maar laten we zeggen dat het bepaald niet de meest rustgevende achtergrond was om de partijen te volgen. Misschien werkt het een beetje als de bekende roze-olifantenparadox: zodra iemand zegt dat u ergens níét aan moet denken, is dat precies wat u doet. Probeert u de komende tien seconden dus vooral níét voor te stellen waar René de hele avond tegenaan heeft gekeken. Arme René.
Diezelfde René vindt het trouwens opmerkelijk dat ik de partijen via Lichess met 3D-borden volg. Dat vind ik dan weer bijzonder: achter het echte bord schaak je immers ook niet in 2D, dus waarom zou dat online ineens wel moeten? Misschien is het gewoon een generatiekloof, of misschien heb ik gewoon een originele kijk op de zaak. Ik besloot er op dat moment maar geen discussie van te maken; met twee consumptiebonnen op zak voor mijn harde werk als verslaggever kon ik me daar uiteindelijk ook wel overheen zetten.
Omstreeks 20.15 uur kon ik toch wel concluderen dat ronde 6 dé ronde van de salonremises was. Zowel aan bord 2 (L’Ami–Sadhwani), bord 3 (Ikonnikov–Chanda), bord 4 (Hausrath–Beukema) als bord 7 (Sievers–Beeke) eindigde de partij al na respectievelijk 10, 14, 10 en 14 zetten. Blijkbaar zijn zetten 10 en 14 populaire momenten om de vrede te tekenen.
Natuurlijk zullen de spelers daar goede redenen voor hebben, maar voor de toeschouwer en de verslaggever valt er dan weinig te genieten. Het positieve nieuws is dat hierdoor weer ruimte ontstaat voor andere deelnemers om in het dagverslag vermeld te worden.
Om 20.30 uur kwam er nog een salonremise bij. De Duitsland-Frankrijk-wedstrijd tussen Weller en Munschi eindigde na slechts dertien zetten in remise. Ik had de heren er graag op willen wijzen dat remise aanbieden eigenlijk pas op zet 10 of 14 een beetje gebruikelijk is, maar mijn kennis van het Duits en Frans schoot daarvoor helaas tekort.
Bord 6
Ook local hero Joey ‘MasterKroket’ Grochal heeft zich inmiddels aan de top genesteld. De Goesenaar, tevens meervoudig Zeeuws kampioen, is de sterkste Zeeuwse speler in het deelnemersveld. Zijn oorspronkelijke ambitie om door te groeien naar de titel International Master heeft hij inmiddels laten varen, maar aan zijn speelsterkte doet dat niets af. In een recent interview met de PZC waarschuwde Grochal al voor de opkomst van de nieuwe generatie. Dankzij moderne trainingsmiddelen beschikken jonge spelers over enorme hoeveelheden kennis en kunnen zij soms veel sterker spelen dan hun rating doet vermoeden.

MasterKroket Grochal - Sparenburg (foto: Tina Rouwendal)
In ronde 6 treft hij ‘gelukkig’ Erik Sparenburg. Met bouwjaar 1983 valt Sparenburg in ieder geval niet in de categorie jeugdige verrassingen waar Grochal voor waarschuwt. Of dat betekent dat de Goesenaar een rustige avond tegemoet gaat, zal achter het bord moeten blijken.
Het werd een Konings-Indisch gevecht, een opening waarin Grochal volgens mij meerdere varianten tot in de puntjes beheerst. Dit keer kwam de Petrosian-variant op het bord. Ik heb zelf ooit tijdens het beruchte Oliebollentoernooi van Souburg het Konings-Indisch tegen Grochal geprobeerd en werd toen al in de opening volledig overspeeld. In deze partij leek zich een vergelijkbaar scenario af te tekenen. Grochal kende de typische plannen en nuances duidelijk beter dan zijn tegenstander en wist al snel een sterke pionnenopmars in het centrum te realiseren.
Maar Grochal kan soms ook blunderen als de beste – iets waarover hij op zijn persoonlijke blog (www.svgoes.nl) overigens met de nodige zelfspot of frustratie kan schrijven – en gaf zijn opgebouwde voordeel uiteindelijk weer weg.

Grochal - Sparenburg
Grochal speelde hier 23.d6, maar kwam na 23…c5 van een koude kermis thuis. Het indrukwekkende witte pionnencentrum verdween als sneeuw voor de zon. Beter was geweest om zelf 23.c5 te spelen. Na 23…cxd5 volgt namelijk het sterke kwaliteitsoffer 24.Txf6! Zwart staat dan voor een lastige keuze, maar beide mogelijkheden brengen problemen met zich mee. Op 24…Kxf6 volgt 25.exd5 en heeft wit voldoende compensatie voor de kwaliteit. Na 24…d4 krijgt wit met 25.Db3 Le6 26.Txe6 Txe6 27.Lc4 Tf6 28.Ld5 eveneens voldoende compensatie. Na het gespeelde 23.d6 c5 werd al snel de vrede getekend.
Bord 9
Agter - Kamphuis
Een fragment uit de partij Agter–Kamphuis wil ik de lezer niet onthouden. Agter heeft zojuist 32.Txg7 gespeeld en zwart staat nu voor een dilemma: hoe neem je de toren terug?
- met het paard
- met de loper
- met de koning
De computer beoordeelt de drie mogelijkheden in willekeurige volgorde als: goed, heel slecht en superslecht. Ik laat de stelling voorlopig nog even voor zichzelf spreken en kom later in dit verslag terug op het juiste antwoord.
Bord 10
Op bord 10 probeert Daniël Zevenhuizen – sinds enkele dagen afgestudeerd als eerstegraads filosofiedocent – zijn ongeslagen status voort te zetten. Hij mag het opnemen tegen een heuse Arena International Master (AIM).
In een Spaanse afruilvariant nam Daniël (die ik inmiddels gewoon mag tutoyeren) al vroeg opvallend veel bedenktijd. Dat past overigens uitstekend bij zijn visie op het schaakspel. Ik kan me nog goed herinneren dat ik in het verleden tientallen snelschaakpartijen van hem won in onze blokhut in Dieren of ons appartement in Vlissingen. Niet omdat ik telkens beter stond – vaak juist het tegenovergestelde – maar omdat Daniël in hevige tijdnood bleef zoeken naar de mooiste of objectief beste zet, terwijl een pragmatische oplossing vaak meer succes had opgeleverd. Misschien is het de filosoof in hem: op zoek naar de waarheid op het schaakbord, terwijl de klok onverbiddelijk doortikt.
In de onderstaande stelling had Daniël het zichzelf echter onnodig lastig gemaakt. AIM Wonder Dutre had met 24…f5 groot voordeel kunnen behalen. Na 25.f3 De2 26.Dxe2 Txe2 heeft zwart een zeer prettige stelling bereikt en zijn de toren en (bijna) het paard diep in de witte stelling binnengedrongen.

Zevenhuizen - Dutre
In plaats van 24…f5 werd echter 24…Pf4 gespeeld, waarna een (onbedoelde?) afwikkeling volgde: 25.Df3! Dxf3 26.gxf3 c5 27.Lxf4 gxf4 28.Txh6 Te2 29.Kg2 c4 30.Tc6 Txb2 31.Txc7 Tb3 32.Tc5. Daarmee kon Daniël uiteindelijk opgelucht een remise veiligstellen.
Bord 9 (het antwoord)
Agter - Kamphuis
Het juiste antwoord was 32…Lxg7! Zwart geeft daarmee weliswaar een pion weg, maar na 33.Pcxd6 Txc1+ 34.Lxc1 Pxd6 35.Pxd6 Lf1 36.Kg1 Ld3 houdt zwart voldoende compensatie. Het loperpaar en de verzwakte witte koningsstelling door de dubbele f-pion zorgen ervoor dat de stelling in evenwicht blijft.
In de partij koos Kamphuis echter voor 32…Kxg7, een zet die Stockfish genadeloos beoordeelt als fouter dan fout. Na 33.Tg1+ Kh6 moet wit vervolgens wel nauwkeurig spelen met 34.Pxe5! Na bijvoorbeeld 34…Tc7 35.Pg5! Lc8 36.Pd3 staat wit uitstekend.
In de partij volgde echter 34.Pcxd6 Pxd6 35.Lxd6 Lxd6 36.Pxd6 Tc5 37.Pf7+ Kh5 38.Pg5, waarna de stelling weer volledig in evenwicht was. Een kleine verzachtende omstandigheid voor Agter is dat hij op zet 34 nog slechts vijf minuten op de klok had, terwijl Kamphuis maar liefst vijftig minuten bedenktijd over had.
Daarmee is de partij echter nog lang niet ten einde, integendeel. In de onderstaande stelling staat zwart opnieuw voor een lastige keuze: hoe red je de loper van de ondergang? Ook hier wil ik de lezer graag weer een kleine quizvraag voorschotelen.

Agter - Kamphuis
Wat moet zwart doen?
- De loper terugtrekken naar c8.
- De loper terugtrekken naar d7.
- Iets anders.
Het antwoord volgt later in dit verslag.

Daniel Fernandez - Max Warmerdam (foto: Tina Rouwendal)
Bord 1
Allereerst complimenten aan Daniel Howard Fernandez en Max Warmerdam dat zij er een lange en boeiende partij van hebben gemaakt. Er werd volop gestreden, wat uiteindelijk resulteerde in een overwinning voor oud-toernooiwinnaar Fernandez.
In de onderstaande stelling is er objectief gezien nog niets aan de hand, al kun je wel stellen dat wit door het ruimtevoordeel iets prettiger staat. Ik ben zelf niet goed genoeg om grootmeesterlijke nuances tot in detail te beoordelen, dus laat ik me graag leiden door de suggesties van Stockfish. De computer wijst op 28…Pab8, of zelfs op het voorbereidende 28…Tf5 29.h4 Pab8. Het idee is dat het paard vervolgens naar c6 gaat, waar het de stelling gesloten houdt en bovendien een mooi steunpunt op d4 krijgt.

Fernandez - Warmerdam
Warmerdam koos echter voor 28…Pac5? en kwam na 29.Pd5 Pe4 30.Pc7!! voor een groot probleem te staan. De ogenschijnlijk actieve tegenaanval 30…Txf2+ lijkt aantrekkelijk, maar werkt niet vanwege het rustige 31.Ke3. Zwart kan de loper op h2 weliswaar winnen, maar wit krijgt daarna met 32.Pe6+ een gewonnen stelling. Ook de alternatieve mogelijkheid 31…Pxd6 biedt geen uitkomst, aangezien wit dan sterk reageert met 32.Lxe5.
Bord 9 (het antwoord op de tweede quizvraag)
Agter - Kamphuis
Het juiste antwoord is 38…Kh4! Al moet ik eerlijk bekennen dat dit bepaald geen voor de hand liggende zet is. De reden erachter is echter goed uit te leggen. Op het eerste gezicht lijkt wit na 39.Pxh3 Kxh3 40.Td1 een uitstekende stelling te hebben, maar schijn bedriegt. Wit komt niet verder na 40…Tc7 41.d6 Td7.
Zwart beschikt namelijk over twee belangrijke troeven. Ten eerste dreigt er potentieel mat op de onderste rij, waardoor de witte toren gedwongen op de eerste rij blijft staan. Daarnaast kan de witte koning nergens heen, omdat de h-pion anders verloren gaat. De zwarte stelling houdt daardoor eenvoudig stand.
In de partij koos zwart echter voor 38…Lc8?, waarna 39.Pe4 een gewonnen stelling opleverde voor Agter. Dit keer liet hij de kans niet meer glippen en speelde hij de partij vervolgens vakkundig uit.
Verslag: Ricardo Klepke